HomeWat is MS?Erfelijkheid

Erfelijkheid

MS is niet erfelijk. Wel is uit onderzoek gebleken dat erfelijke factoren een rol spelen bij het krijgen van MS. In sommige families komt MS vaker voor. Wie van zijn ouders genen krijgt waar aanleg voor MS in vastligt, hoeft de ziekte niet per se te krijgen. Dit hangt af van het soort genen en het DNA. MS ontstaat pas als meerdere genen afwijken. Een ouder met MS kan de aanleg voor de ziekte wel overdragen aan zijn of haar kind, maar de MS hoeft niet tot uiting te komen. Bijvoorbeeld omdat lastige combinaties in de genen niet gemaakt worden.

Risico op MS

In Nederland krijgt ongeveer 1 op de 1000 mensen MS. Dit betekent dat het gemiddelde risico om MS te krijgen 0,1 procent is. Een kind van wie een van de ouders MS heeft, loopt meer risico op het krijgen van de ziekte: ongeveer twee tot vier procent. Als beide ouders MS hebben, is dit risico nog hoger.

Broers of zussen van iemand met MS lopen meer risico op het krijgen van MS. Voor hun is de kans twee tot vier procent groter. Voor tweelingbroers en -zussen is dat nog groter: vier procent bij twee-eiige. Een-eiïge tweelingen lopen een risico tot 27 procent. Vrouwelijke tweelingen lopen bovendien meer risico op het krijgen van MS dan mannelijke. Dit komt omdat meer vrouwen dan mannen MS krijgen.

Andere factoren

Erfelijkheid speelt een rol bij het krijgen van MS. Zonder genetische aanleg is de kans dat je MS krijgt veel kleiner of zelfs niet aanwezig. Of je MS krijgt, hangt niet alleen daarvan af. Uit onderzoek blijkt dat je de ziekte krijgt in combinatie van genen en andere factoren. Leeftijd, geslacht, klimaat en omgeving spelen hierin onder andere een rol.

Genetisch onderzoek

We financieren meerdere genetische onderzoeken, waarbij onderzoekers het DNA van familieleden met en zonder MS met elkaar vergelijken.